Contact

Districtscoördinator:

Egbert de Boer
Vlierstraat 6
8171 BC Vaassen
tel. 0578-572292
edeboer008@planet.nl

Activiteiten D10

FLORON District 10 - Flevoland

Organisatie

District 10 richt zich op Flevoland en een aanzienlijk deel van de Noord-Veluwe.


Karakteristiek

Flevoland
De provincie Flevoland bestaat uit drie gedeelten: de Noordoostpolder (drooggelegd in 1942), Oostelijke Flevopolder (drooggelegd in 1957) en Zuidelijke Flevopolder (drooggelegd in 1968). Hiervan hoort de Noordoostpolder niet tot FLORON-district 10, maar bij district 6. Het grondgebied van de beide Flevopolders was oorspronkelijk vooral bestemd voor agrarisch gebruik. Wat plantendiversiteit betreft is het agrarische deel nog steeds soortenarm. Maar dat geldt niet voor de randen. Vooral de voorlanden (de buitendijks gelegen stroken langs Drontermeer en Veluwemeer) zijn interessant met een rijke verscheidenheid aan flora, die soms aansluit op de flora van het oude land. Op sommige delen is een begroeiing aanwezig die doet denken aan de Veluwe (omgeving Erkemederstrand) op andere plaatsen is invloed van het Fluviatiele district merkbaar.


Zwanenbloem.

De grens van land en water heeft zijn eigen flora. Op dijktaluds: Blauw walstro, Kamgras en Veldsla. Langs de waterkant: Grote engelwortel, Moeraskruiskruid, Kattenstaart, Zwanenbloem, Moerasspirea, Gewone dotterbloem en Moeraszoutgras. De strook daartussen in: Rietorchis, Moeraswespenorchis, Knopige vetmuur, Geelhartje, Dicht langbaardgras en Dwergviltkruid. Maar ook zeldzaamheden als Platte bies en Stekende bies komen hier voor. De laatste jaren neemt in bepaalde delen van de Flevopolder de verstedelijking echter sterk toe (vooral in de omgeving van Almere). En de stadsflora volgt. Eerst met planten op braakliggende terreinen, waaronder Smal vlieszaad en soms massaal Rietorchis (Almere). Na bebouwing volgen al snel soorten als Straatliefdegras (Lelystad, Almere en Dronten), Straatwolfsmelk (Lelystad), Watercrassula (Lelystad). Ook in de agrarische steppe zijn echter wel gebieden te vinden waar kijken naar planten de moeite waard is. Min of meer van noordoost naar zuidwest: in Oostelijk Flevoland: Roggebotzand, Swifterbos, Zuigerplasbos, Natuurpark Lelystad, Larserbos, Harderbos; in Zuidelijk Flevoland: Hollandse Hout, Knarbos, Harderbroek, Horsterwold, de Stille Kern, Hulkensteinse Bos, bossen rondom Almere. Behalve de aangeplante bomen (die zich soms wel (es, esdoorn)en soms juist niet (beuk, douglasspar) gemakkelijk verjongen), komen er ook massale populaties voor van planten die ooit als tuinafval zijn gedeponeerd, als Bonte gele dovenetel, Schijnaardbei en Groot nagelkruid. Mogelijk dat vogels verantwoordelijk zijn voor de hier en daar voorkomende Gevlekte aronskelk. In Pampushout bij Almere maar ook elders is regelmatig Bosrank te vinden. Begrazing is mogelijk de oorzaak van de uitbreiding van Heggendoornzaad en Grote kaardenbol. Enkele ‘typisch’ Flevolandse soorten: Rode ogentroost, Geelhartje, Blauw walstro, Echt en Fraai duizendguldenkruid, Rietorchis en Moeraswespenorchis. Ook Reuzenpaardenstaart en Bosbies hebben hier en daar inmiddels hun plekje veroverd. De ‘beroemde’ Oostvaardersplassen zijn grotendeels niet toegankelijk en botanisch minder interessant. Ooit groeide hier massaal Moerasandijvie, en later Goudknopje. Beide soorten kunnen er nog steeds worden gevonden, maar in veel minder grote getale dan eerder. Daar staat tegenover dat verschillende elders algemene soorten tot nu toe niet of nauwelijks in de Flevopolder zijn gevonden, zoals Holpijp, Muizenoor, Gewone waternavel, Waterkruiskruid, Veldlathyrus en Pijlkruid. Dit fenomeen geldt voor Zuidelijk Flevoland nog sterker dan voor Oostelijk Flevoland. Speenkruid, bijvoorbeeld, komt in Oostelijk Flevoland vaker voor dan in Zuidelijk Flevoland.

Veluwe
Het Veluwse deel van district 10 beslaat de driehoek tussen Elburg, Nijkerk, Elspeet en Nieuw Milligen. Voor een deel is dit vooral (soortenarm) Veluws bos en hei, maar er zijn wel soorten als Hengel , Dwergviltkruid, Bosdroogbloem, Borstelgras, Fraai hertshooi en Grondster te vinden. Daartussen een paar pareltjes zoals de Staverdense Leemputten, de omgeving van het Uddelermeer, de omgeving van de Hierdense beek en het Mosterdveen bij Vierhouten.


Fraai hertshooi


Grondster

De kuststrook langs Veluwemeer en Nuldernauw is anders. Ondanks grote recreatiedruk is hier zelfs nog een klein restant van de invloed van de vroegere Zuiderzee terug te vinden, met o.a. Engels gras. In het voorjaar is in deze kuststrook op verschillende geschikte plekken Muizenstaart te vinden. Engels gras vindt men op de Veluwe ook regelmatig in wegbermen van (autosnel)wegen. Hetzelfde geldt voor de zeldzamere Kamferalant. Ondanks het feit dat er in D10 kilometerhokken voorkomen met minder dan 50 à 75 verschillende soorten (zowel in Flevoland, als op de Veluwe) is het toch een gevarieerd district waar volop te beleven en te genieten valt!


Kamferalant.


Nieuwsbrieven

Nieuwsbrief nr. 29 (dec. 2008)
Nieuwsbrief nr. 30 (apr. 2009)